Als je ouders zorgen gaan geven

Bijna niemand ontkomt eraan: je ouders worden op den duur oud. Bij de eerste gebreken beginnen jouw zorgen. Wat als je vader dement wordt? Of als je ouders zorg mijden? Waar klop je aan voor steun? En hoe bewaak je je eigen grenzen en gezondheid?

Je vader vergeet wel erg veel de laatste tijd. En trilde je moeders hand altijd al zo wanneer ze thee inschonk? Op een dag zie je plotseling dat je ouders oud zijn geworden. Kunnen ze nog wel veilig de weg op? Kunnen ze nog zelfstandig blijven wonen? De zorgen beginnen. Eerst doe je een keer boodschappen, maar langzaamaan ga je meer voor ze doen. Psychologe en coach Yvonne Prins maakte het zelf mee. Toen haar ouders allebei waren overleden, dacht ze: ‘Wat was het handig geweest als ik een boek had gehad met informatie over alles dat met ouder wordende en zorg vragende ouders te maken heeft. Dat had een hoop zoekwerk, tijd en energie gescheeld.’ Maar zo’n boek bestond niet. Nu wel. Op basis haar eigen ervaring en die van anderen – ze interviewde zowel ervaringsdeskundigen als professionals – schreef Yvonne ‘Met 70 over de snelweg, als je ouders zorgen gaan geven’.

Kopzorgen

“De ondertitel ‘als je ouders zorgen gaan geven’ heb ik heel specifiek gekozen”, zegt Yvonne Prins. “Als er had gestaan ‘als je voor je ouders zorgt’, zouden veel mensen zich niet aangesproken voelen. Ze doen de administratie en regelen allerlei andere dingen voor hun ouders, maar ze hebben niet het idee dat ze echt voor hen zorgen. Mantelzorger? Dat ben je toch pas als je bij je ouders inwoont en hun luiers verschoont? Nee dus. Zorg is alles wat je doet voor een ander. Daar horen ook de kopzorgen bij die je hebt wanneer je niet bij ze in de buurt bent.

Onderschat

Er zijn dus veel mensen mantelzorger zonder het te weten. Soms komt dat doordat mensen niet willen zien dat hun ouders aftakelen. Ze willen niet erkennen dat ze er over een paar jaar misschien wel niet meer zijn. Soms komt het ook doordat mensen de zorg onderschatten. Praten gebeurt vaak niet, merken ook de professionals die Yvonne Prins voor haar boek interviewde. In gezinnen wordt vaak slecht gecommuniceerd. Of ze beginnen pas te praten als de emoties hoog zijn opgelopen. “Zodra je ziet dat je ouders achteruit gaan, zou je een familieberaad moeten plannen. Herhaal zo’n meeting om de zoveel tijd om de situatie opnieuw te evalueren. Door afspraken te maken kun je elkaar versterken en voorkomen dat je elkaar onbedoeld tegenwerkt.”

Hakken in het zand

Maar wat doe je wanneer je ouders geen hulp wíllen? Als je moeder bijvoorbeeld steeds minder buiten komt omdat ze bang is om te vallen, maar geen rollator wil. Of wanneer je vader onfris begint te ruiken, maar zegt dat hij zich toch echt niet door een ander gaat laten wassen omdat hij dat nog prima zelf kan. Zorgmijders, heten ze in zorgjargon. Wanneer je ouders geen hulp willen accepteren kan dat een machteloos gevoel geven. Toch zijn er wel strategieën om je ouders hulp te laten accepteren, zegt ze. “Doe een keer boodschappen omdat je ‘toch bij de supermarkt moest zijn’ en maak daar langzaam een gewoonte van. Sowieso is het belangrijk om hulp te normaliseren, om te laten weten dat het niet gek of vervelend is als je ouders om hulp vragen. En als écht niks werkt zal je moeten accepteren dat je ouders die keuze maken. Als ze maar inzien wat hun keuze inhoudt. Als je moeder een rollator weigert en het risico accepteert op een dag een heup te breken en jij hebt er alles aan gedaan om dat te voorkomen, kun je het beter loslaten. Hoe graag we ook zouden willen, we kunnen andermans leven niet bepalen.”

Investeer in je welzijn

Hoe zorg je dat je niet aan de zorg onderdoor gaat? Yvonne Prins: “Door goed voor jezelf te blijven zorgen. Als je voor je ouders zorgt, ligt er altijd schuldgevoel op de loer. Je vindt immers altijd dat je meer kunt doen. Maar probeer niet alle problemen van je ouders op te lossen. Als je ouders verdriet hebben over hun fysieke of mentale achteruitgang kun jij er wel 24 uur per dag gaan zitten, maar dat neemt het verdriet niet weg. Laat het niet ten koste gaan van je eigen leven. Zorg dat je tijd houdt om vrienden te zien, een boek te lezen of naar de sauna te gaan. Denk niet: ‘Ik sla de sportschool een keertje over, want dan kan ik nog een keer extra naar mijn moeder.’ Investeer in je eigen welzijn. Niemand heeft er iets aan als jij opgebrand of geïrriteerd raakt. Vooral je ouders niet.”

Tekst: Dorien Dijkhuis